Wat de leerling ziet
Soorten hulp en niveaus
Taalmaatje legt een woord uit, vereenvoudigt een zin, verduidelijkt een opdracht of geeft een sleutelwoord in de thuistaal.
Vier soorten hulp
Een leerling hoeft niet te kiezen: Taalmaatje leidt uit de vraag af welke hulp nodig is. In de inzichten heten de vier soorten zo:
- Woord uitleggen: wat een woord betekent, in de zin waarin het staat.
- Zin vereenvoudigen: wat een moeilijke zin zegt, in eenvoudiger woorden.
- Vraag verduidelijken: wat een opdracht vraagt, zonder het antwoord te geven.
- Vertaling: een sleutelwoord even in de thuistaal. De uitleg zelf blijft in het Nederlands.
Een woord en een zin, met de echte antwoorden.
Een opdracht en een sleutelwoord in de thuistaal.
Bij de opdracht legt Taalmaatje uit wat vergelijken en verklaren betekenen, en dus wat de leerling moet doen. Het antwoord op de opdracht zelf geeft het niet.
Het denkwerk blijft bij de leerling
Oefeningen, samenvattingen en berekeningen blijven het werk van de leerling. Vraagt een leerling Taalmaatje om een oefening te maken, dan biedt Taalmaatje hulp met de taal van de vraag aan.
Een oefening die de leerling zelf maakt.
Zo'n antwoord is een gewone reactie van Taalmaatje, met een aanbod om te helpen met de taal. Vragen die de beveiliging van Taalmaatje tegenhoudt, tellen in de inzichten bij Geweigerd; gebeurt dat vaak bij een leerling, dan krijgt die het signaal vaak geweigerd. Zie Opvallend.
Niveaus
Het niveau bepaalt hoe kort of uitgebreid Taalmaatje uitlegt.
- Standaard: korte, eenvoudige uitleg voor taalzwakke leerlingen.
- OKAN: voor anderstalige nieuwkomers: heel korte zinnen, basiswoorden en sneller een woord in de eigen taal.
- Eerste graad: korte uitleg met voorbeelden uit de leefwereld van 12- tot 14-jarigen.
- Tweede graad: iets meer uitleg voor 14- tot 16-jarigen, met een verwant woord of een tegenstelling waar dat helpt.
- Derde graad: vollediger uitleg voor 16- tot 18-jarigen: nuance, meerdere betekenissen, register en woordfamilie.
Het niveau geldt in deze volgorde: dat van de leerling, anders dat van de klas, anders dat van de school, anders Standaard. De ICT-beheerder kiest het niveau van de school bij Schoolinstellingen, een leerkracht dat van een klas onder Klas bewerken en dat van een leerling op de leerlingpagina.
Goed om te weten
De leerling ziet nooit welk niveau ingesteld is. In de inzichten zie je bij elke vraag welk niveau toen gold, onder Niveau bij de vraag.